zaterdag 11 december 2010

Exit Kualalalumpur

Sinds gisteren zijn we terug in Kuala Lumpur, onze laatste stop vooraleer we richting huis vliegen. 6 weken terug waren we hier ook al eens en dat moment lijkt nu mijlenver weg.

Mijn bezoek aan de stad Kuala Lumpur beperkt zich, net als de vorige keer, tot een shopping mall. Ditmaal wel een exemplaar met ettelijke verdiepingen meer. Toen we daarnet gezwind in de taxi (teksi) sprongen met de vraag ons aan 'Time Square' te droppen, hadden we verwacht op een groot plein (mét terrasjes, fonteinen en tralala) uit te komen. No way, Time Square is hier een reusachtige mall van tien verdiepen met een oost-,west- en middenvleugel. Shop till you drop (liefst niet van het tiende!) dus. Gelukkig hebben onze twee kleutertjes daar een stokje voorgestoken! Er liep een man verkleed als een gigantische 'Ben Tien'- pop rond en Mina die als de dood is voor verklede kindervrienden, kon Time Square niet snel genoeg uit zijn.

Tussen de sky buildings hier mis ik nu al Bali. De kleuren, de kleine offers voor elke deur, het monotone gamelan deuntje overal, de goedlachse mensen. Toen we eergisteren in Sanur waren, zag het strand weer zwart van de mensen. Er was weer een 'big hindoe ceremony' aan de gang. Galungan, een groot feest dat de Balinezen om de 6 maand of 210 dagen vieren. De straten zijn versierd met lange  bamboestokken, de kleine offergaven zijn vervangen door prachtige creaties gemaakt van bananenbladeren, mensen dossen zich feestelijk uit (allen in sarong en de mannen met hun hoofdservetje) en lachen je precies nog meer dan anders toe.

Bali ademt Hindoeïsme in en uit. Altijd zie je wel iemand met een grote schaal vol offergaven en rokende wierookstokjes, want er wordt meerdere malen per dag een offer gelegd op diverse plaatsen in en rond de huizen en tempels. Altijd zie je wel een kolonne mensen in feestkledij en met schalen vol offers langs de straat op weg naar een ceremonie. Eénmaal droeg zo'n kolonne een draagberrie met een dode met zich mee, hun stemming even feestelijk en uitgelaten. Het Hindoeïsme in Bali vraagt veel van de mensen, ook letterlijk want ze moeten één derde van hun inkomen investeren in hun geloof. Maar Ketut uit Ubut vond dat deze investering wel loont want dankzij hun geloof worden ze een beter mens, hebben ze een zuiver geweten en kennen ze een voorspoedige reïncarnatie. Doordat heel wat (dagdagelijkse) momenten gekoppeld zijn aan een offer of ceremonie is het niet evident om een klare kijk op het Hindoeïsme te krijgen. Het Balinees Engels van onze gidsen ('spacy sauce', 'coffee with milik' en 'no promplam') maakte de gegeven informatie ook niet altijd even zonneklaar! Maar ik moet toegeven dat dit geloof op het eerste zicht aanlokkelijk oogt en klinkt en kan me goed inbeelden dat er reizigers zijn die na een bezoek aan Bali als 'Hindoe' terugkeren! Gene paniek, onze sarongen zullen dienst doen als tafelkleed, maar toch...

Ondertussen doen de kindjes een middagtukje want onze vlieger vertrekt om 12u vannacht en is Shel solo richting shopping mall getrokken (er is een apple shop, help)!

Tot binnenkort!
Kim

woensdag 8 december 2010

En we gaan nog steeds niet naar huis

Bijna 6 weken lang glijdt de tijd voorbij. Elke dag opnieuw. Traag en op het gemak. Ik weet al een hele poos niet meer welke dag we ‘vandaag’ zijn, laat staan welke datum.
Eergisteren was het sinterklaas (dat bedacht ik de dag nadien). Al hebben we wel lang geleden met onze koters afgesproken dat we de sint zouden vragen wat langer in België rond te hangen. Tot we terug thuis zijn (12 dec). Dat hebben Mina en Viggo zelfs officieel gevraagd in de brief die we vorige week naar de goedheilig man gestuurd hebben.
Grappig hoe onze reis tot nu toe verlopen is, in vergelijking met hoe we ze lang geleden voorstelden: onze kids die ondergedompeld zouden worden in een vat vol cultuur en levenservaringen. Dat was het op een zekere manier ook. Maar toch anders dan vooraf (op dat moment) gedacht.
Wij komen van een gejaagd en stressvol leven opeens in een leven zonder zorgen terecht. Bij Mina en Viggo loopt hun leventje veeleer door. Met dat verschil dat ze nu aan de andere kant van de wereld zitten. Ze missen wel hun vriendjes en hun vertrouwde plekjes maar ze maken niet de overgang naar een ‘oef, en nu eindelijk rust !’-situatie.

Viggo is hier ondertussen echt op zijn hoede wat betreft zijn populariteit. Precies een echte rock-ster. Gisteren stond er langs de kant een hele bende vrouwen te lachen. Ze hadden hem nog niet in de gaten. Maar toch verstopte hij zich al onmiddellijk achter mama. Uit voorzorg om niet weer overdreven aanbeden en geknuffeld te worden.
(eergisteren was er nog een man die in zijn wang kneep, ‘ouchiekouchie’-gewijs. ‘Die meneer mag niet in mijn wang knijpen. Dat mag je niet doen’, zei meneertje rock-ster boos).
Deze avond was hij toch weer een klein beetje triest (vooral van de vermoeidheid eigenlijk). ‘Ik wil naar huis, naar Gent’, snikte hij. Da’s ondertussen al weer een paar weken geleden dat hij dat nog zei. Of ‘t is te zeggen: gisterenavond kwam het al eens aan bod tijdens een (voor ons toch) heerlijke en hilarische situatie.
We gingen op zoek naar een restaurantje. Mama en papa wandelen dan het liefst op het strand (dat niet zo ver loopt), langs de zeelijn. Mina wou liever langs de ‘straat’ lopen: het aarden weggetje dat vlak voor het strand loopt, waar de resto’s langs te vinden zijn. Mama en papa hielden voet bij stuk (want de zon ging onder en dat was toch o zo mooi). Dus liep Mina mokkend weg en ging wat verder op het strand zitten. En Viggo volgde (voor zijn zus springt hij altijd in de bres). Ik liet ze even doen, zag ze vanalles bekokstoven en ging na een tijdje bij hen zitten.
‘Wij zijn boos’, zei Mina.
‘Ja, wij zijn boos !’ vulde Viggo onmiddellijk aan.
‘Waarom ?’ vroeg ik
‘Ik wil langs de straat lopen en ik mag niet. En Viggo wil naar Gent, en hij mag ook niet !’ was Mina’s antwoord.
‘Ja, ik mag niet.’ brieste Viggo.
Wij strike van het lachen.
Er volgde een kleine onderhandeling waar ze in België en punt aan kunnen zuigen, en het probleem was opgelost.
Mina en Viggo weer overgelukkig, wat ze 99 % van de tijd zijn.
Voor Mina is Gili Trawangan trouwens een waar paradijs. Het loopt er bomvol katten (ze spreekt ondertussen al de kattentaal, zegt ze) en het enige vervoersmiddel (naast de fiets) is een karretje dat door een paardje getrokken word (een cidomo). Daar heeft ze al eens zelf mee mogen sturen (voor enkele meters). De grootste dierenvriend ter wereld weet hier soms niet meer naar welk dier ze eerst moet kijken.
Wat alleszins vast staat is dat Mina en Viggo gedurende de laatste weken echt wel dichter naar elkaar gegroeid zijn. Op het strand kunnen ze uren fatasiespelletjes met elkaar spelen, zonder noemenswaardige conflicten. In dat opzicht is het zeker een goede keus geweest om de reis op hun tempo aan te pakken. En overal minstens 4 dagen te blijven. Zo hadden ze iedere keer een beetje een vertrouwd plekje, een eigen huisje als het ware (lees: hotelkamer). Waar ze alles kenden en zich op hun gemak voelden.

Het voordeel van zo lang weg te zijn is dat het einde niet naar of teleurstellend overkomt (nu toch niet). Wij hebben niet het gevoel van shit het is gedaan. Dat komt omdat de tijd echt voorbij gegleden is. 
Wij hebben meer het gevoel van: nog enkele dagen en dan zijn we weer in ons vertrouwde plekje.
Het zal wel wat wennen en aanpassen worden. Maar dat lukt ongetwijfeld wel.

Morgen terug naar Bali.
Overmorgen naar Kuala Lumpur
Zaterdagnacht naar Rome. En zondachochtend naar Brussel.
En dan naar Gent.
Waar het dit weekend weer wat zachter weer zal zijn.
En waar de kerstmarkt staat.
Weeral feest.

Michel

maandag 6 december 2010

foto's

Omdat we de laatste tijd weer heel erg lui zijn qua bijhouden van onze blog, hier enkele foto's van wat we de laatste dagen uitgespookt hebben. Foto's uit Ubud en omgeving, de tempels van Tampaksiring en Gili Trawangan.
Met als laatste foto: Mina die het fenomeen 'moonen' ontdekt heeft :)


















zaterdag 4 december 2010

En we gaan nog niet naar huis!



De voorbije dagen in Ubud waren de moeite. We zijn écht brave toerist geweest: tempels bezocht, souvenierwinkels afgeschuimd, naar het Bali Birdpark geweest, de restauranttips van de Trotter gevolgd … 





In het hotel waar we verbleven werkt een ijverige gast ‘Ketut’, die naast zijn job als kok, ook nog een winkeltje met batikstoffen uitbaat én gidsarrangementen aanbiedt. Met hem hebben we de bron van Tirta Empul en de Gunung Kawi tempel bezocht. Vaste kost voor toeristen want indrukwekkend mooi. Ook die aanstellerige Hollander, aan wie we dachten ontsnapt te zijn in Lembogan, verscheen plots vanachter een versierd deurtje in Tirta Empul “Hallow! Da’s ook toevallig hé!” 

Eergisteren zijn we op Gili Trawangan gestrand, het grootste van de drie Gili eilanden voor de kust van Lombok. Gili Trawangan staat bekend voor z’n party’s en trekt jonge backpackers aan (wij dus!). Het gebed (géén gekukel meer) dat ‘s morgens vroeg vanop de minaret wordt omgeroepen, zal wel wat houten koppen kraken, vrees ik! Wij verblijven aan de noordkant van het eiland, waar het heerlijk rustig is. Haal ‘paradijs’ voor ogen en je hebt een idee waar we ons nu bevinden.

Ook bij de plaatselijke bevolking van Lombok valt Viggo in de smaak. Hij wordt nog steeds meerdere malen per dag benaderd en er worden verwoede pogingen ondernomen tot ‘kopke aai’ of ‘kinneke krab’. Zonder resultaat echter want hij bedient zich nu van de schildpad-techniek: kop en poten intrekken totdat z’n belagers met het nodige “Oooowwww, he doesn’t like me, he’s afraid” afdruipen. En daar staan ma en pa dan te blinken met hun verwoede pogingen om met de locals te ‘bonden’!

Met zo’n reusachtige zeeschilpad kwamen we trouwens vandaag oog in snorkel te staan! De kolos was gezapig aan ‘t happen tussen de koralen. Naast the wild shark toch wel een hoogtepunt binnen onze prille snorkelhistorie. Ook hier kan je vlak voor de kust, op slechts enkele meters in zee, naar hartelust snorkelen en de meest fantastische vissen en koralen bewonderen. Dit zal ik straks echt missen!

Verder hebben Mina en Viggo een nieuwe, zéér vervelende sport ontdekt: mama haar zwembroek aftrekken. Helemaal vervelend als je bedenkt dat Lombok islamitisch is en de dames hier gesluierd het water induiken. Het betert er niet op want Mina haar nieuwe foto pose is de ‘pistolet-look’ (zie toegevoegd exemplaar). De vrieskou aan het thuisfront zal deze gewoonte wel de kiem in smoren. Maar ik houd toch een beetje m’n hart vast voor de komende kerstkiekjes… én de klasfoto! Verder zeggen ze nog steeds elk gemiddeld 20 keer per dag ‘kaka’ en blijven ze het élke keer een even goeie mop vinden. Gelukkig zeggen of doen ze even vaak iets dat écht grappig is. Viggo zijn “Kualala Lumpur” blijft één van m’n favorieten. Hij krijgt het maar niet juist gezegd.

Mina ontpopt zich hier tot de plaatselijke Brigitte Bardot door zich het lot van elke zwerfkat aan te trekken. En er lopen er hier wat rond!  Op Gili Trawangan is geen gemotoriseerd  vervoer toegestaan en gebeuren alle verplaatsingen met de fiets of met paard en kar. Wederom een hoogtepunt voor onze dierenvriendin! Vandaag heb ik haar wel aan de man moeten brengen dat ze het bezoek van de Sint op school zal missen. Aangezien Sint bij hen met een écht paard langskomt, waren er even traantjes. Maar we doen wel ons best om dagelijks meerdere Sint evergreens te zingen om toch een beetje in de sfeer te blijven! "Zie ginds komt de kaka uit kaka weer aan..." en hup daar gaan we weer! 

Sheltje is ondertussen met meerdere bintangs in z’n botten gaan slapen, dus morgen komen er ook wat fotootjes bij!

Kim




Recht van Antwoord van Sheltje:
Het gaat hier om 3 blikjes Bintang (het bewijsmaterial staat nog op ons terrasje hier), én om een vader die voor één keer wel vroeg gaat slapen :)